Stap 3: Opbouwen van trainingsintensiteit
In het voorgaande het ik al verteld dat ons lichaam zich aanpast
aan de omstandigheden waarin het zich bevindt: het went aan de
inspanningen. Hierdoor wordt je beter, en we kennen dit fenomeen
alstraining.Nu zou het niet meer dan logisch zijn om direct, zware
en op het doel gerichte trainingen te gaan doen. Immers, wat je
traint, daar wordt je goed in. Toch zou dit onverstandig zijn. Ik
leg het uit.
Ons lichaam past zich wel aan, maar heeft hiervoor een bepaalde
tijd nodig: als je vandaag hard gaat trainen, ben je morgen niet zo
goed dat je uit het niets de Mont Ventoux op fietst. Je lichaam
moet na elke trainingherstellenom beter te worden, en de aanpassing
van je lichaam gaat dus met kleine stapjes.
Na een tijdje trainen zul je zien dat je lichaam went aan de
trainingen. Je wordt op een gegeven moment niet meer beter: je hebt
dan dus bereikt wat je wilde, namelijk dat je lichaam zich heeft
aangepast. Wil je nu echter nóg beter worden, dan zul je dus vanaf
dat moment de zwaarte van de trainingen moeten opbouwen, hetzij in
duur, hetzij in intensiteit, of misschien wel allebei tegelijk.Je
moet dus dan ook zorgen, dat in je trainingsschema de intensiteit
voortdurend wordt opgebouwd!
Hoe opbouwen?
Je zult zien, dat wanneer je bezig gaat met een trainingsschema,
de "rek er al snel uit is". Stel dat je begint met 6 uur te trainen
in de week, en je doet er elke week één uur bij, dan ben je na 6
weken al op 12 uur trainen in de week. Vervolgens zou je vanaf dat
moment 12 uur per week kunnen trainen, alleen dan steeds
intensiever, maar na 12 weken ben je toch echt door je
mogelijkheden van opbouw heen. Om dit op te lossen, plan je als
laatste week van je periode een week van min of meer rust in.
Hierdoor vergeet je lichaam als het ware de trainingen even en kan
je in de volgende periodes weer opnieuw beginnen, uiteraard een
stapje hoger dan toen je de voorgaande periode begon.
Een voorbeeld:
In mijn schema heb ik totaal 24 weken te gaan. Op dat moment
moet ik dus in topvorm zijn. Echter, na 16 weken staat er een
andere cyclo op de rol, en ook daar wil ik dus een beetje knap aan
de start staan. Ik weet nu dus al 2 periodes waarin ik rust moet
nemen om volledig te herstellen. We gaan even terug naar de
tijdslijn:
| |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Week
|
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
7 |
8 |
9 |
10 |
11 |
12 |
13 |
14 |
15 |
16 |
17 |
18 |
19 |
20 |
21 |
22 |
23 |
24 |
| |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |
Trainingsweekend in heuvelachtig
gebied
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| |
Cyclo met meerdere korte klimmen |
|
|
|
|
|
|
|
|
| |
Trainingsweek in bergachtig gebied |
|
|
|
| |
Monstercyclo, zoals La Marmotte |
Week 16 en week 24 staan nu dus in het teken van herstel.
Volgens mijn basisschema heb ik aan het einde van week 12 (niet
geheel toevallig overigens) een trainingsweekend ingepland. Globaal
komt de indeling er dan als volgt uit te zien:
- Week 1 t/m 6:
Opbouw in duur van 8 tot 12 uur
- Week 7 t/m 12:
Zelfde duur als in week 1 t/m 6, alleen dan een stapje intensiever
met als hoogtepunt het trainingsweekend
- Week 13 t/m 18:
Zelfde intensiteit als in week 7 t/m 12, alleen langer dan in week
1 t/m 6. De cyclo van week 16 is het hoogtepunt, daarna volgen 2
relatieve rustweken
- Week 19 t/m 24:
5 weken alles uit de kast, met als hoogtepunt een trainingsweek,
dan een week herstel.
Zet ik dit verhaal in ons basisschema, dan zou het er als volgt
uit kunnen komen te zien (klik weer voor de Excel-versie):

Let op: de tijden zijn globaal, als we zo meteen de werkelijke
trainingen gaan plannen, kunnen deze natuurlijk afwijken.
|